KNMT-rechtszaak over NZa-tarieven: rechter wacht uitspraak huisartsen af
Rechtszaak over tariefverlagingen mondzorg draait om urencriterium, goodwill en weging van praktijkkosten

2 oktober 2025 - Op donderdag 2 oktober stond de mondzorgsector tegenover de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) in een kort geding bij de rechtbank. De KNMT had de zaak aangespannen met als doel de voorgenomen tariefsverlagingen per 1 januari 2026 tegen te houden. Deze verlagingen volgen uit het kostenonderzoek dat in opdracht van de NZa is uitgevoerd. De KNMT waarschuwt dat de maatregelen een serieus risico vormen voor de toegankelijkheid van de mondzorg in Nederland. Ook NVM-mondhygiënisten, de Organisatie van Nederlandse Tandprothetici (ONT) en de Vereniging Tandartsen voor Orthodontie (VTvO) sloten zich aan bij de zaak.
Discussiepunten tijdens de zitting
Zowel de KNMT als de NZa hadden hun standpunten vooraf schriftelijk aan de rechtbank kenbaar gemaakt. Tijdens de behandeling stelde de rechter vragen over vijf discussiepunten. De eerste drie betroffen de inhoud van het kostenonderzoek. Allereerst stond het uren- en wekencriterium centraal dat de NZa hanteert bij het vaststellen van de normatieve arbeidscomponent. De KNMT vindt dat deze norm geen recht doet aan de werkelijkheid en structureel te lage tarieven tot gevolg heeft. Vervolgens kwam aan de orde dat de NZa bij praktijkovernames betaalde goodwill niet meeneemt in de berekeningen, terwijl dat in de praktijk voor veel ondernemers een reële en substantiële kostenpost vormt. Als derde punt besprak de rechter de manier waarop de NZa gemiddeldes en wegingen toepast. De KNMT stelt dat grote praktijken hierdoor zwaarder meewegen in de uitkomsten van het kostenonderzoek dan kleinere, wat tot scheefgroei in de tarieven leidt.
Procedurele vragen
Naast deze inhoudelijke kwesties stelde de rechter twee procedurele vragen. Het ging om de vraag of de zaak voldoende spoedeisend is om als kort geding te behandelen, en of de financiële gevolgen van de tariefsverlaging zodanig groot zijn dat een voorlopige voorziening op zijn plaats is. Deze vragen zijn van belang voor de beoordeling of de tariefbeschikkingen tijdelijk kunnen worden opgeschort.
Verwachting van de rechtszaak
De KNMT verwacht dat de rechter in één procedure zowel de tarieven voor tandheelkunde als orthodontie zal behandelen. De beroepsvereniging vraagt de rechtbank om de beoogde nieuwe tarieven voorlopig op te schorten totdat duidelijk is of de bezwaren gegrond zijn. Omdat bezwaar- en beroepsprocedures tegen de NZa langer kunnen duren, ziet de KNMT urgentie om via de rechter te voorkomen dat de verlaging al per 1 januari 2026 ingaat terwijl de juridische beoordeling nog loopt.
Verband met de huisartsentarievenzaak
De rechter wacht met uitspraak tot de huisartsentarievenzaak is beslist. In die procedure spelen vrijwel identieke vragen, met name over de methodiek die de NZa gebruikt voor het uren- en wekencriterium. De uitspraak in de huisartsenzaken staat gepland voor 18 november. Het streven is om voor het einde van het jaar duidelijkheid te geven, zodat medio december bekend zal zijn welke tarieven per 1 januari 2026 zullen gelden.
Bredere onvrede over kostenonderzoeken
De mondzorgsector staat niet alleen in haar kritiek op de NZa. Ook huisartsen en vrijgevestigde psychologen en psychotherapeuten hebben rechtszaken aangespannen vanwege vergelijkbare bezwaren tegen de rekenmethodes in hun sector. De KNMT houdt nauw contact met deze beroepsgroepen om kennis en strategie te delen. Daarmee tekent zich een bredere discussie af over de manier waarop de NZa haar kostenonderzoeken uitvoert en vertaalt naar tarieven die grote gevolgen hebben voor zorgaanbieders in de eerstelijn.
Beslissende fase voor mondzorgtarieven
De uitspraak in de huisartsentarievenzaak zal waarschijnlijk richtinggevend zijn voor de beoordeling van de mondzorgtarieven. Daarna zal de rechtbank zich snel moeten uitspreken over het verzoek om een voorlopige voorziening. Wat nu al duidelijk is: de kritiek op de onderliggende aannames van het kostenonderzoek is breed en fundamenteel.
Zie ook:
3 juli 2025: KNMT STAPT NAAR RECHTER OM KOSTENONDERZOEK NZa, Tariefsverlagingen vormen serieus risico voor toegankelijkheid van de zorg;
2 juli 2025: KNMT verzoekt onmiddellijke terugtrekking NZa-tariefbeschikking, Na verbod op 'normatieve arbeidscomponent (NAC)' in vaststellingsmethode;
Kunt u niet vinden wat u zoekt? Gebruik de zoekmachine.
januari/februari 2026
In dit nummer onder meer aandacht voor een artikel van NVOI-implantoloog Ronald van Denderen en tandtechnicus André Henriques: 'Solitaire implantatie na 4 maanden post extracties, met BLT Straumann implantaat, Klinische casus van verloren element 11 door externe wortelresorptie, NVOI-Implantoloog/tandtechicus Laurens Wiggers over 'Keramiek uit de printer: de volgende stap in restauratieve tandheelkunde, Materiaalwetenschappelijke onderbouwing en klinische implicaties, KunstZahnwerk 2025-casus: 'Volledige protheses: tandtechniek zonder shortcuts', verslag Prothetiek onder de Loep 2026, Scanflags als sleutel tot voorspelbare volledige implantaatgedragen prothetiek, voordracht Henk-Jan van den Heuvel - 'Baan je een weg tussen drukknoppen en steg', Getuigschrift-uitreiking deelnemers 2e leerjaar Klinisch Prothese Technicus, Dental Expo 2026, Mijnmond.info-Vacature-overzicht, de Dentale Agenda en het Kwaliteitsregister Tandtechniek en meer.
Verspreiding in februari 2026.
Heeft u nieuws voor het volgende nummer of een interessante casus? Neem dan contact op met de redactie.